Brief uit Marseille

Ik zit op de veranda van een houten tiny house, in het voorjaarszonnetje. Om me heen bomen, bloemen en moestuinterrasjes. Aan mijn voeten een aanhalige kat met drie poten. Beneden me weet ik Marseille. De stad die op onverklaarbare wijze tot mijn verbeelding spreekt. Door de bomen zie ik de Mediterranée. Twee enorme kranen die de containers van schepen lossen aan een lange pier. Ik kijk uit op het noordeinde van de baai, waar de bedrijvigheid die niet per se toeristisch is zich afspeelt. Gister zagen we drie grote boten vertrekken, veerboten denk ik, hun toeters schalden een melancholisch afscheid over het water. Twee cruiseschepen liggen als witte schiereilanden in de daartoe aangewezen haven.De geluiden van de stad dwarrelen omhoog naar mijn heuvel: claxons, een trein die voorbijkomt, nondescript geroezemoes van duizenden mensen.
Marseille is onze laatste stop in Frankrijk. Via Reims, de Morvan, Lyon en Avignon zijn we hier beland. Veel kerken, kathedralen, baselieken gezien. Kunst van Cézanne, Degas, van Gogh tot Botticelli en 12de eeuwse meesters. Veel ook van wat ik gemakshalve samenvat onder de naam ‘ancient rubble’: al dan niet door de tijd aangetaste overblijfselen van de Romeinen. Al zijn ze gladgestreken beschadigd, ik hou ervan!
Gisteren bezochten we de oude haven, een inham in de baai, nu vol met zeilboten en jachten, met aan weerskanten de verworvenheden van het moderne toerisme: bistros, cafes, pubs, hotels, souveniershops en zeepwinkels. Marseille is beroemd om haar zeep, naar het schijnt. Met 72% olijfolie. Vet ontvetten met vet. Je moet het maar verzinnen.
We varen met een veerbootje van de ene kant van de haven naar de andere kant. Een rondborstige kapitein rekent 50 cent per passagier.
Ik sla alles in me op, maar ik zie wat anders: ik zie hoe uit grote schepen met de hand de koloniale kostbaarheden worden gelost door sjouwers, aangespoord door voormannen met haast. Ik zie dames met parasolletjes die hun nieuwsgierigheid niet kunnen bewingen en zich tussen het werkvolk wagen. Ik zie een rij geketende mannen die naar de galleien of de verbanning worden gedreven. Ik hoor nog vaag de stemmen van de kruisvaarders van de orde van Johannes, die in het fort Saint Jean links aan het havenhoofd zetelden, ze worden bijna overstemd door het geschreeuw van de revolutionaire meute die eind 18de eeuw vanuit het fort de guillotines voedden.
Ik zie Edmond Dantès, de latere graaf van Monte Christo na het verraad weggesleept worden naar de krochten van Chateau d’If, het gevangeniseiland vlak voor de kust van Marseille. Ik had niet gedacht dat het zo dichtbij lag. Het is een klein eilandje, met een bunkerachtig gebouw erop, en in de rotsen uitgehakte kerkers. Daar kwijnt de onschuldige Edmond weg, tot hij via een slimme list weet te ontsnappen, een schat zoekt en vindt en terugkeert naar Marseille om genadeloos wraak te nemen op zijn veraders. Ter voorbereiding zette ik de roman van Alexandre Dumas over de onfortuinlijke Edmond en zijn wraakoefeningen op mijn e-reader, en het is precies de juiste lectuur voor hier.
Je kunt met een veerboot naar het gevangeniseiland, maar daar zie ik vanaf. De verbeelding moet in sommige opzichten aan de macht blijven. Onze held Edmond is tenslotte een romanfiguur!
Ik lees dat Dumas père, de schrijver, het plot van de Graaf van Monte Christo deels uit gevangenisarchieven heeft opgeduikeld, en dat hij een gemakzuchtig schrijver was, die grote delen van zijn werk door anderen liet schrijven, die hij ook nog opjoeg om voort te maken. Oorspronkelijk verschenen als een krantenfeuilleton, elke dag een stukje, de lezers hingen van ver buiten de Franse landsgrenzen aan zijn lippen.
Het is leesvoer om te smullen, en je kan het zonder kouwen broksgewijs doorslikken.
Ook zie ik Varian Fry, leunend tegen de muur van het fort, wachtend op een handlanger die hem uitreisvisa voor zijn beschermelingen brengt. Fry was een Amerikaan, die na de capitulatie van Frankrijk via, of eigenlijk beter ondanks, het in de VS gevestigde ‘Emergency Rescue Committee’ in Marseille de groten en minder groten van de Franse culurele en literaire elite probeerde te helpen de nazi’s te ontvluchten. De vluchtroute loopt over de Pyreneen, en Walter Benjamin is een van de ‘clienten’. Als hij, puffend, de tocht onderneemt, onder begeleiding van Lisa Fittko, een Hongaars-joodse verzetstrijdster die met Fry samenwerkt, blijkt dat precies die dag Spanje de grens heeft gesloten. Benjamin, toch al zwaarmoedig, is ten einde raad en maakt die nacht een eind aan zijn leven. De volgende dag gaat de Spaanse grens weer open. Het manuscript dat Benjamin meedroeg in een aktetas wordt gered.
Fry huurde even buiten Marseille de villa Bel Air, waar Andre Breton en andere surrealisten vaste gast zijn, waar Chagall en Hannah Arendt op hun vlucht voor de nazi’s langskomen. De villa bestaat helaas niet meer. Varian Fry en zijn helpers (onder andere ook Mary Jayne Gould – een Amerikaanse die het geld van haar superrijke vader ter beschikking stelt) zijn sowieso ondergewaardeerd, al is er nog niet zo lang geleden een tv serie over hen gemaakt. Maar tv series doen door de bank genomen geen recht aan een werkelijkheid waar moed en wanhoop hand in hand gaan.

(Afbeelding: ‘de strijd gaat door’, poster gezien in MuCem, Marseille)

 

Niet kinderachtig

Tulp

Gouke Moes, de BBB heikneuter die godbetert een blauwe maandag minister van onderwijs, cultuur en media was in het horrorkabinet Schoof, wil de Nederlandse cultuur redden van vreemde smetten en de inheemse Nederlander weer op één plaatsen.

Daartoe heeft hij zich aangesloten bij de stichting Democratische Vernieuwing. Vanuit die stichting spant hij een rechtszaak aan tegen de Staat der Nederlanden, die het volgens Gouke, voorheen dus minister van onder andere cultuur, jammerlijk laat afweten wat betreft cultuurbescherming. Hij wil de rechter niet persé vermoeien of belasten met ‘cultuurdefensie’, maar linkse clubs als Urgenda en Greenpeace doen het ook, en Gouke lijkt te denken: wat die linkse ettertjes kunnen, kan ik beter.  Dat het bij die rechtszaken ging om het door de eigen regering niet naleven van de eigen wetten, staat voor Gouke in de kleine lettertjes en die leest hij niet, heeft hij geen tijd voor, want het is kwart over twaalf, wat de Nederlandse cultuur betreft.

Als hem gevraagd wordt die Nederlandse cultuur eens te omschrijven, heeft hij het moeilijk. Het is ook best complex om verder te kijken dan de Hollandse klei onder je laarzen, het rood-wit-blauw (ook de omgekeerde volgorde is cultuur!), de molen (nee, niet de klimaatdrammersversie!) en zwarte Piet (want, laten we eerlijk wezen: Gouke’s inheemse Nederlander is wit. Gouke durft dat nog niet hardop te zeggen, maar in de appgroep van zijn stichting vliegen de memes je om de oren). Maar wij zijn niet kinderachtig, wij steken een stotterende stumper als Gouke naar goed Nederlands gristelijk gebruik graag de helpen de hand toe. Was niet nodig geweest als Gouke zijn klassiekers had gekend, maar kom daar tegenwoordig maar eens om.

Daarom opnieuw een link naar ‘Het integratiealfabet, Nederlandse waarden en normen van A tot Z’. Zodat ook Gouke argumenten heeft om ons te overtuigen dat er aan die inheemse Nederlandse cultuur ook echt iets te redden valt.

Brieven uit Polen

Brieven uit Polen - Saskia Kunst- 2025

Deze ‘Brieven uit Polen’ zijn geschreven in de zomer van 2025 tijdens een tocht door Polen.
Ik bezocht daar de plaatsen waar de Holocaust zich heeft voltrokken, om meer inzicht te krijgen in de omstandigheden waardoor we zo snel verrechtsen en waaronder de huidige genocide in Palestina plaatsvindt.

Of dat gelukt is, durf ik (nog) niet te zeggen, maar door me te verdiepen in de geschiedenis zijn de parallellen tussen toen en nu helderder geworden.
De verbanden tussen het nazisme van toen, het opkomend
fascisme van nu; gecultiveerd slachtofferschap, nationalisme,
superioriteitsgevoel, de haat tegen anderen die – als je even niet
oplet – ontaarden kan in uitsluiting, deportatie, massamoord.
Dat wegkijken de meest gangbare attitude is, medeplichtigheid altijd op de loer ligt, en dat bijna niemand in staat is om ‘de ander’ te behandelen als hij zelf behandeld wil worden, zeker niet als er gebrek is en er gevaar dreigt. En dat, ondanks al dat, de hoop op betere tijden en verlangen naar rechtvaardigheid altijd de motor is voor verzet, hoe klein ook.

Lees de brieven via de link: Saskia Kunst – Brieven uit Polen – 2025

De eeuwige paljas of De fascistoïde haatzaaier

PVV, Geert Wilders, Joost Eerdmans, Lideweij de Vos, Caroline van der Plas
Het verschil tussen bijvoorbeeld een Hitler en Wilders-na-dertig-jaar-politieke-activiteit moge duidelijk zijn. In dertig jaar heeft Wilders het grootste deel van de tijd vooral lopen klieren: hij heeft mislukt deelgenomen als gedoogpartij aan een kabinet (2010-2012). Tijdens die gedoogperiode stemde PVV tegen alles wat het de kiezers beloofd had. Hij heeft met zijn ‘partij-met-maar-1-lid’ als grootste partij één jaar in een kabinet gezeten (15 mei 2024 – 3 juni 2025) om als laffe loser uit de nachtschuit te komen. Nu, 62 jaar oud, ziet hij er uit als een verlepte salak (salak – Indonesië – ook slangenvrucht, omdat de schil van deze vrucht wel wat weg heeft van een slangenhuid).
Lees meer
Fret&Inktvis

PS. Er werd tijdens het Derde Rijk door de nazi’s veel gezongen. Ook in Nederland ontwikkelde zich een nationaalsocialistische zangcultuur: ‘Tijdens de Tweede Wereldoorlog galmden overal in bezet Europa Duitse marsliederen door de straten. […] De Nederlandse nationaal-socialisten lieten zich muzikaal evenmin onbetuigd. […] Zij bouwden via vaderlandse evergreens een eigen repertoire op van strijdliederen die de massa serieus moesten bewerken.’ (Zo zong de NSB – Liedcultuur van de NSB 1931-1945, Gerard Groeneveld, vantilt.nl/boeken). Zie op YouTube de afspeellijsten met Duitse en Nederlandse ‘patriottische, vaderlandslievende’ liederen uit genoemde zwarte periode in de geschiedenis, die nog altijd populair blijken te zijn:  NSB liederen voor het hele gezin.
En, het is enorm schrikken, er worden nieuwe liederen gemaakt, met behulp van AI, hele afspeellijsten vol, op YouTube te vinden, zoals bijvoorbeeld op het kanaal van JW “Broken Veteran” – de afspeellijst Nederland United, met titels als ‘Wij zeggen Nee, Nee, Nee, tegen een AZC’, en ‘Politieke honden’, met de tekst: ‘Honden in de Tweede Kamer ruiken aan je gat. Huilen voor de stemmen blaffen bij elk debat. Territorium markeren met plannen en wetten. Den Haag is één grote kennel die je moet ontsmetten. […]’, en ga zo maar door.

1. Partijleider met maar 1 lid; 2. Zo zingt de NSB PVV

I am a nasty woman, hell yeah

Nina Mariah Donovan
Nina Mariah Donovan schreef deze geweldige tekst toen Trump voor de eerste keer president werd. Nu hij voor de tweede keer zijn destructie op de wereld mag loslaten, en als een door techbro’s gestuurde stormram alle denkbare waarden probeert plat te walsen, vrouwen terug wil in een door ultra conservatief christelijk getimmerd hok, migranten wil uitzetten, mensen lukraak arresteert om een verkeerde mening en alle medemenselijkheid wegbezuinigt, is deze excellente ‘rant’ nog steeds actueel. Be a nasty woman, ook als je een man bent. Hell yeah!
I’m a Nasty Woman.
Not as nasty as a man who looks like he bathes in cheeto dust.
Not as nasty as a man who is a diss track to America.
From Back to broken Back he’s stomped on,
his words are just more white noise ruining this national anthem.
I’m not as nasty as confederate flags being tattooed across my city;
maybe the south actually is going to rise again.
Or maybe it never really fell
Because we’re still drowning in vanilla coated power.
Slavery has just been reinterpreted into the prison system.
Read more

Ontwaakt! Strijdliedje voor lange dagen

Kom, wrijf de slaap uit je ogen,
haal je handen door je haar,
we moeten protesteren,
de rapen zijn al bijna gaar.

Kom, sluit je aan,
het is nog niet beslecht,
we kunnen ons nog verweren,
we hebben nog het recht.

Kom, verzet heeft vele vormen,
blijf trouw aan eigen normen
schrijf een brief, zing een lied,
laat je niet gijzelen door je verdriet.

Bevrijd een varken, doe iets wat de rust verstoort,
plak je aan het asfalt, blokkeer een deur of poort,
zet een larie verkondigende spreker in zijn hemd,
maakt het overduidelijk: we zijn nog niet getemd.

Laat je niet inperken door de zucht naar orde,
of door een onrechtvaardige wet,
sluit je aan,
kom in verzet!

De Hardwerkende Nederlander

Hier ben ik dan: de Hardwerkende Nederlander
ik hoor hier thuis zoals geen ander
want ik ben blank en groot en stoer en sterk
dikke ikke denken is mijn handelsmerk

En eindelijk verandert er wat in Den Haag
na die links liberale sof, en na die Kaag
die wokie woke gekte is zo goed als voorbij
dankzij Dilan en haar partij

Zij zette de deur open naar wat wij echt willen
geen mafklappende lefties meer met hun eco-grillen
geen gelukzoekers, geen langharige cultuurmarxisten
alleen nog nuttige migranten en zeker geen genderfetishisten

Wij trekken met Geert en Dilan hand in hand
al zingend en stampend door het vaderland
Caroline en Joost paraderen met ons mee
net als Stoffer van de altijd gewillige SGP

Wij zetten een ondoordringbaar imaginair hek
tussen de Hardwerkende Nederlander en de drek
dat ongewassen volkje dat maar demonstreert
en zonder scrupules op onze belastingcenten teert

dat tuig dat hier alleen is om te profiteren
moet het voor eens en altijd leren:
Nederland wordt weer van de echte Nederlander
mits die kan werken als geen ander.

Het Integratie Alfabet. Nederlandse waarden en normen van A tot Z. Vandaag: Z

We zijn in verwarring. We dreigen verstrikt te raken in een identiteitscrisis die maar op een manier kan eindigen: collectieve depressie.
Dat moeten we voorkomen en daarom een kloeke handleiding over wat ons Nederlander maakt. Om op terug te vallen, aan te refereren en om van te leren.
Voor de nieuwkomers, zodat ze weten waar ze zich aan te houden hebben, en, misschien nog wel meer, voor de hardwerkende Nederlander met voeten en voorouders in de Hollandse klei, voor stadse plattelanders en stedelingen in hun villa’s op de hei.
Zodat we allemaal weer een beetje houvast hebben.
Vandaag: de letter Z.

Zelfontplooiing
Wij Nederlanders leren een leven lang. Wij zijn nooit klaar, wij zijn nooit af. Wij ontplooien ons van wieg tot graf. Het gaat er niet om dat we een overdaad aan kennis opdoen, maar dat we al ons potentieel verwezenlijken. Dus we moeten voortdurend op zoek naar verborgen talenten. Nieuwe ontdekkingen doen, innerlijke dan wel uitwendige bronnen aanboren, hobby’s uitproberen en er een gezond verenigingsleven op na houden. Meestal worden we zo moe van de gedachte alleen al dat we avond aan avond op de bank aan het netflixen zijn.

Zeiken
Lang, aanhoudend en vervelend over iets alsmaar doorgaan. Een van de favoriete bezigheden van de Nederlander. Ook: zaniken, zeuren, zuigen, klagen, kwijlen, kloten, mekkeren, mieren(neuken), donderjagen, klieren, zieken, drammen, jengelen, kankeren, zemelen, dreinen, kutkammen (ja, echt, sorry…) kwezelen, zagen, emmeren, temen. En omdat onze taal zo rijk is, kan zeiken ook urineren betekenen, maar dat gebuikt je alleen tegen vrienden in de kroeg of als je van nature grofgebekt bent.

Zakkenvuller
Pas op. Bij het woord zakkenvuller ben je misschien geneigd te denken aan representanten van het grootkapitaal of belastingontduikers, maar wij reserveren dit woord voor mensen, meestal mannen, die de publieke zaak dienen en meningen verkondigen waar we het niet mee eens zijn. Ook wel: plucheplakker, lid van het kartel, of, in extreme variant: dienaar van de reptielen die de wereld in het geheim besturen.

Het Integratie Alfabet. Nederlandse waarden en normen van A tot Z. Vandaag: Y

We zijn in verwarring. We dreigen verstrikt te raken in een identiteitscrisis die maar op een manier kan eindigen: collectieve depressie.
Dat moeten we voorkomen en daarom een kloeke handleiding over wat ons Nederlander maakt. Om op terug te vallen, aan te refereren en om van te leren.
Voor de nieuwkomers, zodat ze weten waar ze zich aan te houden hebben, en, misschien nog wel meer, voor de hardwerkende Nederlander met voeten en voorouders in de Hollandse klei, voor stadse plattelanders en stedelingen in hun villa’s op de hei.
Zodat we allemaal weer een beetje houvast hebben.
Vandaag: de letter Y.

Y
De Y slaan we over, want we hebben niet veel woorden die beginnen met een Y die iets zeggen over onze normen en waarden. Yoghurt is zure melk, yoga is wel lekker maar niet inheems, en om nou over Yesilgoz te beginnen… Maar toch: laat haar een voorbeeld zijn van hoe het ook kan: integreren. Kijk naar haar, hoe ze haar hoofd scheef houdt als een verwend Goois meisje, hoe ze bijna zonder stemverheffing vals uit de hoek kan komen, hoe ze zich als een Jeanne d’Arc opwerpt ter bescherming van onze waarden en normen. Menig echte Nederlander kan daar een voorbeeld aan nemen! Petje af voor Dilan, zij flikt het gewoon.

Het Integratie Alfabet. Nederlandse waarden en normen van A tot Z. Vandaag: X

We zijn in verwarring. We dreigen verstrikt te raken in een identiteitscrisis die maar op een manier kan eindigen: collectieve depressie.
Dat moeten we voorkomen en daarom een kloeke handleiding over wat ons Nederlander maakt. Om op terug te vallen, aan te refereren en om van te leren.
Voor de nieuwkomers, zodat ze weten waar ze zich aan te houden hebben, en, misschien nog wel meer, voor de hardwerkende Nederlander met voeten en voorouders in de Hollandse klei, voor stadse plattelanders en stedelingen in hun villa’s op de hei.
Zodat we allemaal weer een beetje houvast hebben.
Vandaag: de letter X.

Xantippe
Het lastige en humeurige stuk sacherijn waar Socrates mee getrouwd zou zijn. Veel mannen in Nederland identificeren zich hierdoor met Socrates. Niet dat ze iets van hem willen lezen of weten, filosofie is niet echt ‘hun ding’, maar de vrouw waar ze mee getrouwd zijn is, naast een leuk hebbeding, door de bank genomen ook gewoon lastig, veeleisend. Ze spreekt je tegen, ze heeft een eigen wil, ze wil je overhemden niet strijken en als je op zaterdag dan eens met je vrienden mag gaan stappen moet je op tijd thuis zijn omdat je zondag bij je schoonfamilie op de koffie moet.

Xenofobie
Dat je moet wennen aan iemand die anders is dan jij valt te begrijpen. Maar als die aanvankelijke onwennigheid tot een ziekelijke angst voor het vreemde muteert, heb je hulp nodig, omdat het je kan belemmeren in het sociale verkeer en de omgang met je medemens. Behalve als de vreemdeling van wie je niks moet hebben uit Afrika of het Midden-Oosten komt, dan kan je je angst gewoon overschreeuwen met gekanker over die gore etenslucht in het portiek, dat ze dieren slachten op het balkon, dat je verdomme niet eens met hun vrouw mag praten, ze je geen hand willen geven en dat ze er toch gewoon niet uitzien als een kerel in die jurken en die hoogwaterbroeken.

XTC
Wij Nederlanders lopen graag in de pas, vallen liever niet op (zie ook: Gewoon) Wij zijn van het opkroppen, zeker als het gaat om ergernis over een ‘boven ons geplaatste’, ontevredenheid met een situatie die we niet kunnen veranderen, een vriend/vriendin waar we op uitgekeken zijn maar met wie we net een huis hebben gekocht en waar we dus aan vast zitten. Om te voorkomen dat al die wrok en wraakzucht ons tot moordzucht drijft, slikken we graag pilletjes. En omdat we die pilletjes graag slikken, en er op het platteland op een normale manier haast geen ‘goedbelegde boterham’ meer te verdienen is, produceren we die pilletjes ook graag en veel.
Van het slikken van de pilletjes worden we zacht en lief, en van het produceren ervan worden we rijk. Win-win zou je denken, maar ja, het mag weer eens niet.